Aan het beeld Tot elke prijs op de Winston Churchillkaai herdacht Oostende zondagochtend voor de negende keer de vissersopstand van 1887. Vissersfamilies, buurtbewoners en het stadsbestuur verzamelden bij station en Visserskaai rond de vijf doden die toen vielen.
Voor wie langs de kaai woont of werkt, is dit geen abstracte geschiedenisles. Het monument staat pal in het oude visserskwartier, op een steenworp van de plek waar de confrontatie destijds uitbrak.
Bloemenhulde aan de Churchillkaai
Het bronzen beeld van kunstenares Martine Vyvey draagt de titel Tot elke prijs. Die woorden verwijzen naar het bevel waarmee burgerwacht en rijkswacht de opstand in augustus 1887 neersloegen. Aan de vismijn en de handelsdokken vuurden ze op uitgeputte Oostendse vissers. Vijf mensen stierven, anderen raakten gewond.
De aanleiding lag in armoede en in goedkope Engelse vis die de lokale markt overspoelde. Wat begon als woede over verloren inkomsten, eindigde in twee dagen geweld.
Doris Klausing, drijvende kracht achter herdenking en monument, gaf zondag historische duiding. Daarna volgde een ingetogen bloemenhulde. Burgemeester John Crombez, schepen Vanessa Vens, gemeenteraadslid Michael Vanhee en een leerling van het Koninklijk Werk IBIS legden bloemen neer. De Koninklijke Stadsharmonie speelde. Giedo Vanhoecke zong het Lied der Vissers.
Paster Pype, honderd jaar later
Klausing stond ook stil bij paster Pype. Precies een eeuw geleden stierf de kapelaan en visserij-aalmoezenier die zich inzette voor een menswaardig bestaan van Oostendse vissersgezinnen. Zijn naam hangt nog altijd aan het gelijknamige rusthuis en de sociale traditie in de stad.
Voor kinderen van IBIS was de hulde geen bijzaak. Zij droegen een witte bloem voor elk van de vijf slachtoffers, op dezelfde kade waar toeristen nu langs het station lopen.
Burgemeester: sociaal onrecht is van alle tijden
In zijn slotwoord zei Crombez dat sociaal onrecht niet in 1887 is blijven steken. Toen stond een rijke kuurstad tegenover een bijna rechtenloze vissersbevolking, die Leopold II het liefst naar een verpauperde Oosteroever zag verdwijnen.
“Vandaag spelen die krachten nog, zei burgemeester en socialist Crombez (Vooruit) terwijl hij het publiek ietwat streng toekeek, zij het dan binnen de snel evoluerende digitale wereld die nu zonder de minste scrupules alle democratische rechtsorde negeren, de politieke besluitvorming sturen en als dominante krachten in een geglobaliseerde wereld ook vandaag het sociale onrecht in de wereld in stand houden en zelfs nog groter maken. De strijd is nog niet geleverd.”
De herdenking blijft daarmee een vast moment op de Churchillkaai: vijf namen, één beeld, en een stad die haar vissersgeschiedenis niet naar het museum schuift.



