Bastaardsatijnrupsen zorgen opnieuw voor overlast in de duinen van De Panne
In de duinen van De Panne zijn opnieuw bastaardsatijnrupsen gesignaleerd. Dat kan voor wandelaars en dieren flink wat overlast geven, omdat de rupsen brandharen hebben die zich via de wind verspreiden. Het lokaal bestuur vraagt daarom om op de paden te blijven en uit de buurt van rupsen en nesten te blijven.
De rupsen leven graag op duindoornstruiken en maken deel uit van het natuurlijke ecosysteem in de duinen. Toch zijn ze niet ongevaarlijk. Wie in contact komt met de brandharen, kan last krijgen van jeuk, huiduitslag, oogirritatie en soms ook ademhalingsproblemen. Ook dieren kunnen klachten krijgen.
Blijf op de paden
Het advies is duidelijk: raak de rupsen of hun nesten nooit aan. Wie ze onderweg tegenkomt, blijft best op afstand. Ligt er een nest of zitten er rupsen langs een smal pad, dan kies je beter een andere route.
Voor bezoekers van de duinen is dat nu de belangrijkste boodschap. De hinder zit niet alleen in rechtstreeks contact. De haartjes komen gemakkelijk los en kunnen door de wind worden meegevoerd.
Wat je moet doen bij contact
Wie toch in contact komt met de brandharen, wrijft of krabt best niet. De haartjes kunnen voorzichtig verwijderd worden met plakband. Daarna spoel je de huid best goed met lauw water. Ook de ogen moeten uitgespoeld worden als dat nodig is.
Blijft de irritatie aanhouden, dan is het advies om contact op te nemen met de huisarts.
Niet bestrijden
Hoewel de rupsen hinderlijk zijn, worden ze niet bestreden. Ze horen bij het ecosysteem van de duinen. In juni groeien ze uit tot de sneeuwwitte bastaardsatijnvlinder.
Voor wie de komende dagen de duinen intrekt, blijft voorzichtig wandelen dus de beste manier om last te vermijden.




